papegaaien.net
Statistieken Boeken Links Forum Vraag en aanbod

 

   
  Vertel een vriend over deze site

Menu

VIOOLTJES LORI

Forum

TRICHOGLOSSUS GOLDEI

Home

Ara´s
Caiques
Kaketoes
Lories
Papegaaien
Papegaaien als huisdier
Pionussen
Ziekten
Filmpjes
 

Viooltjes lori

Viooltjes lori

 

 
 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ondersoorten

Bij de viooltjes lori komen geen ondersoorten voor.

Uiterlijke kenmerken en geslachtsonderscheid

Formaat:  20 cm.

Ringmaat: 4,5 mm.

Geslachtsonderscheid: Tussen beide geslachten is uiterlijk enig verschil. Het purperrood van schedel en voorhoofd alsmede de paarse kleur van de wangen is bij het mannetje uitgebreider en intensiever van kleur dan bij het popje.

Man en pop: De bevedering van de kop is overwegend paarsrood en de schedel helder purperrood. De wangen zijn roodachtig paars met een blauwe streeptekening. De rug en de vleugels zijn donkergroen. De borst en buik zijn geelgroen met een brede verticale donkergroene streeptekening. De snavel is zwart en de poten donkergrijs.

Herkomst en leefwijze van de viooltjeslori

De viooltjeslori heeft zijn verspreidingsgebied op Nieuw Guinea en het schiereiland Huon. Ze leven hier in regenwouden, bergwouden en kleine bosgebieden met bloemdragende bomen en struiken. Ze komen in kleine groepen voor maar ook in zwermen van 30 tot 40 vogels. Ze houden zich vooral op in de kruinen van bloemdragende bomen. Hun voedsel bestaat voornamelijk uit nectar, bloesem, vruchten, bessen, zaden, pollen en insecten en hun larven.

De voeding van lories

Zoals in het algemene gedeelte over lories reeds is vermeld, zijn het vogels die hoofdzakelijk bloesem, nectar, bladknoppen en verschillende soorten zachte vruchten en insecten eten. Ze stellen dan ook hele andere eisen aan de voeding dan de meeste andere kromsnavels. Gelukkig zijn er heden ten dage diverse volwaardige kant en klaar voeders voor lories en andere zachtvoereters in de handel. In de meeste gevallen zijn de vogels hier dan ook prima op te houden. Betreffende voeders kunnen variëren van korrelig tot poedervormig en moeten worden aangelengd met water. Tegenwoordig zijn er ook pellets in de handel die speciaal voor lories zijn ontwikkeld.

F. Beswerda,een goede vriend van mij, was één van de eerste kwekers in Nederland die succesvol kweekte met lories. Na jarenlang geëxperimenteerd te hebben met de voeding voor zijn lories ontwikkelde hij uiteindelijk een recept waarmee hij zeer goede kweekresultaten behaalde en haalt. Dit recept bestaat uit twee gelijke delen en ziet er als volgt uit:

1.       Een moes van fruit en groente. Deze wordt gemaakt van appels, peren, aardbeien, ananas, wortelen, komkommers en andere groente- en fruitsoorten die op dat moment beschikbaar zijn (geen bananen en sinaasappelen, deze kunnen namelijk darmstoornissen veroorzaken).

2.       Een mengsel van nutrix rijstebloem, bambix, eivoer en insectenvoer, waaraan vervolgens nog een theekopje roosvicè, twee theelepeltjes gistocal, een half theelepeltje zeewier, een dessertlepel multivitamine, een theekopje druivensuiker en een flinke hoeveelheid honing wordt toegevoegd.**

Bovenstaand mengsel wordt vervolgens aangelengd met water tot dat het de dikte heeft bereikt van yoghurt. Het voer kan in grotere porties worden aangemaakt en in de diepvries bewaard.

** Voor ´mengsel 2´ kan eventueel ook een kant en klaar lorivoer gebruikt worden.

Bovenstaande voeding kan eventueel dagelijks nog worden aangevuld met een weinig zonnebloempitten en trosgierst (wordt niet door alle soorten gegeten).Naast bovenstaande voeding  kunnen, indien voorradig, wilgentakken en onrijpe gras- en onkruidzaden aan de vogels gegeven worden.Verder is belangrijk om het voedsel van lories in vrij zware voerbakjes aan te bieden. Dit voorkomt dat de vogels ze omgooien en of er mee gaan spelen, wat ze graag doen! Verder is het van belang dat het voer niet te dik is. Bij het oplikken van het lorivoer met de penseeltong steken ze de snavel vrij diep in het voer. Hierbij komt voer op de bevedering wat ze vervolgens verwijderen door met de kop te schudden. Bij een te dik voer zullen de resten van de kop ´vliegen´ en overal in de volière terecht komen. Daarnaast zullen er bij een te dik voer voedselresten aan de snavel blijven kleven, die op den duur een korst kunnen vormen op en boven de snavel. Dit kan op zijn beurt weer aanleiding geven tot vervelende schimmelinfecties bij de vogels.

Huisvesting van lories

Een volière voor de wat grotere soorten lories dient een minimale lengte te bezitten van 3 á 4 meter, een breedte van 1 meter en een hoogte van ca. 2 meter. Een langere volière is niet echt nodig omdat lories geen typische vliegers zijn. Ze houden meer van klauteren, springen en klimmen. De volière dient daarom klimbomen, dikke stukken touw  en ander speelgerei te bevatten. Verder moet het verblijf gemakkelijk schoon te houden zijn, dit in verband met de dunne ontlasting van de vogels. Dit betekent dat de de wanden en de vloeren het beste van gladde materialen, bijvoorbeeld trespa of tegeltjes kan zijn vervaardigd. Lories dienen het gehele jaar door een dikwandig broedblok tot hun beschikking te hebben omdat ze hier niet alleen in broeden maar er ook de nachten in door brengen. Het nachtverblijf dient verwarmd te kunnen worden omdat niet alle soorten winterhard zijn. Verwarming is ook gewenst omdat sommige soorten in de winter broeden. Door de kou koelen de eieren dan snel af, vooral als de vogels voor langere tijd het nest verlaten. Het is daarom aan te bevelen de temperatuur niet onder de 10 °C te laten komen. Omdat verschillende soorten het gehele jaar door broeden is het wel noodzakelijk dat de kweekruimte over een kunstmatige verlichting beschikt. Een kunstmatige verlichting schept de mogelijkheid om de dagen (kunstmatig) te verlengen tot minimaal 12 uur en biedt daarmee gelegenheid aan de oudervogels om hun jongen over de dag voldoende voer aan te bieden. Het nachtverblijf moet ongeveer een afmeting hebben van 2 x 1 x 2 meter (lxbxh). Indien er sprake is van naastgelegen rennen is het van belang om de tussenwanden van zowel het nachthok als de buitenrennen van dubbelwandig gaas te maken zodat de vogels elkaar niet door het gaas heen kunnen verwonden.

Voor de buitenvolières is het van belang dat de ondergrond goed gedraineerd is, zodat de dunne uitwerpselen van de vogels gemakkelijk weggespoeld kunnen worden. Een goede ondergrond hiervoor is een flinke laag grof grind. Dit is met een tuinslang gemakkelijk schoon te spuiten en ook kan het vrij gemakkelijk omgeharkt worden. Lories houden erg van baden, de vogels moeten dan ook steeds de beschikking hebben over vers badwater. Zorg er ook voor dat een deel van de buitenvolières open is zodat ze ook van een mals regenbuitje kunnen genieten! Om aan de behoefte van baden tegemoet te komen zou eventueel ook een kunstmatige beregeningsinstallatie aangelegd kunnen worden in de buitenvolière(s).

Kleinere soorten lories, zoals de viooltjes lori, kunnen ook gehuisvest worden in ruime kweekkooien van bijvoorbeeld 1.20 cm. x 50 cm x 50 cm.(lxbxh). Een geschikte bodembedekking voor binnenverblijven en broedkooien is grof zaagsel, hennepvezel, kattenbakgrit e.d. Sommige kwekers houden de vogels ook wel op gaas. De kans op het verspelen van een nagel(s) wordt hier echter wel door vergroot!

Kweken met de viooltjeslori in de volière of broedkooi

Nestblok: De vogels dienen het gehele jaar door een dikwandig broedblok tot hun beschikking te hebben omdat ze hier niet alleen in broeden maar ook de nachten in door brengen. Het nestblok cq. ‘het slaapblok’ dient een afmeting te hebben van ca.30 cm. hoog en een bodemoppervlak van 15 x15 cm. Het invlieggat dient een diameter te hebben van 5 cm. Vanwege eventuele kou dient het nestblok vervaardigd te zijn van dik hout (dikke wanden).

Om de vogels te helpen bij het in- en uit gaan van het blok is het raadzaam de binnenzijde van het blok onder het invlieggat te voorzien van een strookje gaas en of krammen.

Nestmateriaal: Als nestmateriaal dient een laag houtspaanders in het blok te worden aangebracht. Deze laag mag niet te dik zijn en moet flink aangestampt worden zodat eventueel gelegde eieren niet in de houtkrullen wegzakken. Als er jongen zijn dient, vanwege de dunne ontlasting van de jongen, met enige regelmaat het nestmateriaal ververst te worden. 

Kweek: Viooltjeslories zijn op een leeftijd van acht tot twaalf maanden geslachtsrijp. Naast het broeden in de volière kan met de viooltjeslori ook in ruime kweekkooien van bijvoorbeeld 1.20 cm. x 50 cm x 50 cm.(lxbxh) gekweekt worden. Viooltjeslories zijn niet echt warmtebehoeftig. Ze kunnen zonder bezwaar ´s winters overwarmd gehouden worden. Wel is het van belang dat het (dikwandige) nestblok op een vorstvrije plaats wordt neergehangen. Omdat de vogels het gehele jaar door tot broeden over kunnen gaan is het noodzakelijk dat de kweekruimte over een kunstmatige verlichting beschikt. Dit schept bij eventuele jongen de mogelijkheid om de dagen (kunstmatig) te verlengen (minimaal 12 uur) zodat de jongen over de dag voldoende voer verstrekt krijgen door de oudervogels. Als nestgelegenheid kan een nestblok gegeven worden met een bodemoppervlak van 15 x 15 cm., een hoogte van 28 cm. en een invlieggat van 5 cm. De pop legt meestal twee eieren, incidenteel ook wel eens drie. De broedtijd bedraagt 22 dagen. Bij de geboorte zijn de jongen bedekt met wit dons dat in een tijdsbestek van ongeveer acht dagen een grijze kleur krijgt. In vergelijking met andere loriesoorten groeien de jongen vrij snel. Op een leeftijd van vier weken zitten de jongen nagenoeg geheel in de veren en op een leeftijd van acht weken vliegen ze veelal al door de volière. Bij het uitvliegen lijken de jongen op de oudervogels maar ze missen nog de purperrode schedelkleur. Bij jonge vogels is de schedelkleur nagenoeg zwart. Drie weken na het uitvliegen zijn de jongen als zelfstandig te beschouwen. Op een leeftijd van ongeveer acht maanden zijn ze volledig op kleur en vrijwel niet meer van de oudervogels te onderscheiden.

Bijzonderheden

Viooltjeslories zijn schitterende, zeer levendige vogels, die weinig geluid maken. Het houtwerk van de volière wordt met rust gelaten als ze de beschikking hebben over wat wilgentakken of takken van fruitbomen.

A. van Kooten

Overeenkomstige links

Blauwkoplori - Trichoglossus haematodus caeruleiceps
Duivenbode lori - Chalcopsitta duivenbodei duivenbodei
Geelmantellori - Lorius garrulus flavopalliatus
Groenneklori - Trichoglossus haematodus haematodus
Groenstaartlori - Lorius chlorocercus 
Lori v. d. blauwe bergen - Trichoglossus haematodus moluccanus
Massenalori - Trichoglossus haematodus massena
Rode lori - Eos bornea bornea
Roodflanklori - Charmosyna placentis placentis
Witruglori - Pseudeos fuscata       
Zwartkoplori - Lorius lory lory
http://www.lories.nl/

Viooltjes lori

 

 

 

 

 

 

 

 

Viooltjes lori

 

 

 

 

 

 

 

 

Viooltjes lori

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Viooltjes lori

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Viooltjes lori

 

 

 

 

 

 

 

Viooltjes lori

Home Boeken Links Forum Vraag en aanbod
 

Copyright 2007  Adri van Kooten